Gedeputeerde maakt op Texel kennis met onderzoek aquacultuur

Gedeputeerde maakt op Texel kennis met onderzoek aquacultuur

Content gaat hier
Content gaat hier
Jelle Beemsterboer, gedeputeerde van de provincie Noord-Holland voor Wonen, Landbouw en Visserij, liet zich woensdag in Polder Wassenaar op Texel uitgebreid informeren over het onderzoek dat in het veldlaboratorium van Stichting Zilte Zones plaatsvindt. Beemsterboer was onder de indruk van de resultaten tot nu toe en heel geïnteresseerd in de commerciële mogelijkheden van mariene aquacultuur voor ondernemers uit de visserijsector.

Een consortium van onderzoekers van Wageningen Marine Research en ondernemers uit de visserijsector startte in 2022 met een (vervolg)onderzoek naar de mogelijkheden om soorten die van nature in de Waddenzee leven succesvol te kweken in verzilte gebieden. Uit eerdere proeven bleek al dat kokkels zich in potentie zouden kunnen ontwikkelen in de polder. In het lopende onderzoek wordt de eerder opgedane kennis ingezet om een vertaalslag te kunnen maken naar commerciële teeltmogelijkheden. De gedeputeerde werd door Franke Hoekstra, bestuurslid van Stichting Zilte Zones dat de onderzoekslocatie exploiteert, bijgepraat over de rol en ambities van de stichting: ’We willen als stichting het kenniscentrum voor de mariene aquacultuur in Noord-Nederland worden.’ Uit onderzoek in 2022 van Bureau Wing, in opdracht van het Investeringskader Waddengebied (IKW), is gebleken dat in het Waddengebied goede perspectieven zijn voor de teelt van schelpdieren en dan met name voor kokkels.

Kasper van Kraaij (links), beheerder van het veldlab, en Franke Hoekstra (derde v. links) geven Jelle Beemsterboer (2e v. rechts) uitleg over de werkzaamheden in de polder.

Kansen voor regionale economie

Beemsterboer, die zich goed had voorbereid op zijn bezoek aan de polder, wilde van de ondernemers in het consortium weten wat een reële oppervlakte zou moeten zijn voor commerciële kokkelteelt en of er voldoende afzetmogelijkheden zijn. Kokkelvissers Robert en Mark Seinen van visserijbedrijf Meromar Seafoods BV, partner in het onderzoek, lieten weten dat de vraag naar kokkels momenteel veel groter is dan het aanbod. Het vinden van een geschikte locatie om op grote schaal kokkels op verzilt land te kweken is lastig. Beemsterboer vroeg zich af of er een businesscase is te schetsen als de vraag zo groot is en hoe de opbrengst van aquacultuur zich verhoudt tot die van de landbouw. Ondernemer Erik Moesker van Noordoogst Aquaponics praatte de gedeputeerde bij over de proeven met garnalen. Hij onderzoekt of ondermaatse garnalen in de waterlopen van Polder Wassenaar zijn op te kweken tot premium size met een goede marktwaarde. Moesker voorspelde Beemsterboer dat de visserij van morgen deels op het land zal gaan plaatsvinden. ‘Het is beter voor de natuur en er is minder verspilling. ‘

Zowel Hoekstra als Seinen vroegen aandacht voor de hobbels rond mariene aquacultuur waar vissers en onderzoekers mee te maken hebben.

Leden van het onderzoeksteam van WMR (links) laten kokkels zien die in het lab worden gekweekt. Kokkelvisser Robert Seinen geeft uitleg.

Nieuwe proeflocatie

Een ander gespreksonderwerp was de zoektocht naar een nieuwe locatie voor pilots en onderzoeksprojecten. Het huidige veldlaboratorium van Stichting Zilte Zones moet eind van dit jaar worden ontmanteld, zodat eigenaar Staatsbosbeheer het terrein, volgens afspraak, na tien jaar weer terugkrijgt en kan herinrichten als natuurgebied. De zoektocht naar een andere locatie in Noord-Nederland en liefst op Texel is niet eenvoudig, zo liet Hoekstra de gedeputeerde weten.

Naar aanleiding van dit werkbezoek komt er een vervolggesprek tussen de gedeputeerde en het stichtingsbestuur.

Gedeputeerde Beemsterboer bezoekt Polder Wassenaar

Gedeputeerde Beemsterboer bezoekt Polder Wassenaar

Op woensdag 22 mei komt Jelle Beemsterboer, lid van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Holland, voor een werkbezoek naar Texel. Onderdeel van zijn programma is een bezoek aan het veldlaboratorium in Polder Wassenaar. Op uitnodiging van het bestuur van Stichting Zilte Zones neemt Beemsterboer een kijkje bij het lopende onderzoek in de polder en wordt hij geïnformeerd over de pilotprojecten met mariene aquacultuur die er plaatsvinden en het belang van een dergelijke proeflocatie. Door het aflopen van de overeenkomst met Staatsbosbeheer moet het onderzoeksstation in Polder Wassenaar volgend jaar worden ontmanteld en wordt het terrein weer ingericht als natuurgebied. De stichting is naarstig op zoek naar een nieuwe locatie, op Texel of elders in Noord-Nederland. Volgens Bob Verburg, voorzitter van Stichting Zilte Zones, biedt mariene aquacultuur zowel economisch als ecologisch kansen voor de noordelijke provincies en is het van groot belang dat er een nieuwe locatie komt. De stichting wil graag aquatisch onderzoek blijven faciliteren.

Opkweken garnalen vraagt om inventiviteit en doorzettingsvermogen

Opkweken garnalen vraagt om inventiviteit en doorzettingsvermogen

Of hij niet eens iets wilde proberen met garnalen. Want over de opkweek van de Hollandse garnaal Crangon crangon was nog maar weinig bekend. Die uitdaging wilde Erik Moesker, eigenaar van Noordoogst Aquaponics, wel aangaan. Inmiddels is hij betrokken bij verschillende onderzoeksprojecten die zich (zijdelings) richten op de opkweek van garnalen. Dat dit gepaard gaat met de nodige uitdagingen, en inventiviteit en doorzettingsvermogen vraagt, blijkt wel uit het interview met Moesker in het magazine AQUAcultuur van het NGvA, het Nederlands Genootschap voor Aquacultuur. Daarin gaat de garnalenkweker in op de hobbels die hij moet nemen en de commerciële kansen voor kweekgarnalen.

Erik Moesker maakt deel uit van het consortium bedrijven en onderzoekers dat in Polder Wassenaar onderzoek doet naar kweekkringlopen met kokkels, garnalen en zeewier. Lees hieronder het hele interview met Moesker in AQUAcultuur (https://www.ngva.org/)

Aquacultuur erik moesker

Minder zoetwater in de Waddenzee

Minder zoetwater in de Waddenzee

De geleidelijke overgang van zoet naar zout in de Waddenzee staat onder druk. Vooral in het voorjaar stroomt er steeds minder zoetwater vanuit de rivieren de Waddenzee in. Dat heeft gevolgen voor het leven van vogels, vissen en algen op het wad, aldus onderzoek professor Katja Phillipart. Het zoete rivierwater bevat voedingsstoffen als stikstof en fosfaat die belangrijk zijn voor de algengroei op het wad, waarmee schelpdieren zich weer voeden.  

Phillipart, onderzoeker aan het Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee (NIOZ) en directeur van de Waddenacademie, benoemt de afname van zoetwater in de Waddenzee in een nieuw hoofdstuk van het Quality Status Report van de Waddenzee over klimaatverandering. Dit is geschreven door onderzoekers uit Nederland, Duitsland en Denemarken.

Phillipart vraagt aandacht voor waterbeheer in relatie tot de Waddenzee en benoemt ook de mogelijke relatie van een tekort aan zoetwater met kokkelsterfte op het wad tijdens hete zomers.

Lees er meer over op de website van de Waddenacademie.

Onderzoek in Polder Wassenaar gaat laatste jaar in

Onderzoek in Polder Wassenaar gaat laatste jaar in

Begin februari ging het onderzoek in het veldlab in Polder Wassenaar zijn laatste jaar in. Een consortium van onderzoekers van Wageningen Marine Research en ondernemers uit de visserijsector, gefaciliteerd door Stichting Zilte Zones die de onderzoeklocatie beheert, hebben de krachten gebundeld om te onderzoeken wat de potentie is van combinatieteelt van gebiedseigen soorten in een tussendijks kustaquacultuur-systeem.

De overkoepelende onderzoeksvraag voor 2024 is: wat zijn de mogelijkheden voor geïntegreerde aquacultuur in Nederland, getest in het veldlaboratorium Polder Wassenaar? En wat is daarbij de potentiële economische en duurzame meerwaarde van geïntegreerde aquacultuur met kokkels, zeewier en garnalen ten opzichte van een monocultuur met kokkels?

De resultaten van 2023 dienen als uitgangspunt voor de volgende onderzoekfase. Net als in de afgelopen onderzoekjaren ligt de focus op de kweek van kokkels (Cerastoderma edule), grijze garnalen (Crangon crangon) en zeewier (knoopwier/Gracilaria sp.). Begin februari werd zo’n 1600 kilo kokkels in verschillende dichtheden uitgezet in de waterlopen van het veldlab, op basis van het debiet: de stroomsnelheid van het inkomende water, uitgedrukt in kubieke meters per getij. Dat is bepalend voor de hoeveelheid voedsel in de raceways. De dichtheid van de uitgezette kokkels varieert van 40 tot 510 stuks per vierkante meter. iIn de komende weken zullen ook het zeewier en de garnalen worden toegevoegd.

Vergelijk met groei in het wild

In vergelijking met het voorgaande onderzoekjaar wordt dit jaar ook een uitgebreider vergelijk gemaakt tussen geïntegreerde aquacultuur van kokkels, zeewier en garnalen met een monocultuur van alleen kokkels. ‘In de ene helft van de raceways hebben we alleen kokkels uitgezet, in de andere helft ook de andere kweekcomponenten, zodat we hopelijk de positieve interactie van de kweekcomponenten op elkaar kunnen aantonen’, licht Martijn Keur van het WUR-onderzoeksteam toe. Daarnaast wordt een klein perceel kokkels uitgezet in het wild, vlakbij de zoutwaterinlaat van de polder.  Zo kunnen de omstandigheden in de raceways nog beter worden vergeleken met die in de natuur. Martijn: ‘Dat doen we onder andere omdat we vorig jaar verschillen in voedselaanbod zagen tussen de raceways en de Waddenzee zelf.’

Enclosures

Een ander element dat de onderzoeker nauwkeurig gaan monitoren is de sterfte onder de kokkels in de raceways. Vorig jaar bleek die maar liefst 80 procent. Volgens Martijn kan dat te maken hebben met de tijd van het jaar waarin de kokkels zijn uitgezet. ‘Vorig jaar was dat halverwege april. We weten dat kokkels in die periode fragieler zijn dan in de winter. Het kan schelen dat we nu twee maanden eerder zijn.’ Om de overleving te monitoren zijn zogeheten enclosures gemaakt, ringen van PVC waarin een getelde hoeveelheid kokkels zit, zodat exact gemonitord kan worden hoeveel procent van de kokkels wanneer nog in leven is. De eerste tussentijdse telling wijst uit dat na vier weken 94 procent van de kokkels nog leeft. Bemoedigende cijfers, stelt de onderzoeker.

De kokkels worden zorgvuldig uitgezocht.

Zeewier

In de raceways met zeewier wordt binnenkort, verdeeld over zestien manden, 8 kilo Gracilaria ingebracht. ‘Elke zes weken gaan we oogsten en het zeewier terugbrengen tot de start-hoeveelheid. In het lab onderzoeken we de kwaliteit van de oogst door het extraheren van AGAR uit het zeewier. Gracilaria wordt met name gekweekt voor de productie van deze plantaardige vervanger van varkensgelatine. We zijn bezig met de ontwikkeling van de meest geschikte methode om de AGAR te extraheren en proberen erachter te komen in welke periode van het jaar en bij welk debiet we de meest hoogwaardige kwaliteit zeewier kunnen kweken. Dit is een nieuwe ontwikkeling op het gebied van zeewierproductie in Nederland.’

Garnalen

De garnalen vormden in het afgelopen onderzoekjaar het zorgenkindje. Het bleek lastig om voldoende uitgangsmateriaal levend in de raceways te krijgen. Nu pakt het team het anders aan. ‘Garnalenspecialist Erik Moesker van Noordoogst/ Aquaponics houdt op het wad vlak bij de polder nauwlettend de aanwezige garnalen in de gaten. Als de temperaturen weer oplopen, komen de garnalen dichter bij de kust. Dan gaan we ze handmatig vangen en over de dijk direct in de raceways uitzetten.’ Om te voorkomen dat de garnalen tussen de raceways migreren of dat er nieuwe volwassen garnalen via de hevel de raceways binnenstromen, zijn RVS-schermen bij de inlaat van de waterlopen geplaatst.

RVS-schermen moeten voorkomen dat de garnalen zich tussen de raceways kunnen verplaatsen.

De praktijkproef loopt door tot komend najaar. Daarna wordt alle data geanalyseerd en uitgewerkt in een onderzoeksrapport.